Interview Hans van Driem: ‘Het is moeilijker om 5 gasten te hebben dan 5000’

Auteur: Redactie
18 november 2005
Interview Hans van Driem: ‘Het is moeilijker om 5 gasten te hebben dan 5000’

Het Nederlands Bureau voor Toerisme & Congressen (NBTC) zorgt voor de marketing en promotie van het product “Holland”. Middels een groot aantal themagerichte campagnes wil de organisatie het reisverkeer naar en in Nederland zoveel mogelijk bevorderen. Een goed voorbeeld hiervan is: “HOLLAND, THE GOOD LIFE AT THE COUNTRYSIDE”. Een campagne die zich richt op het genieten van het goede leven in een landelijke omgeving. Reden te meer voor NBTC directeur Hans van Driem om de ontwikkelingen binnen de bed & breakfast sector met meer dan gemiddelde belangstelling te volgen.

Van Driem ziet veel potentieel in deze almaar groeiende bedrijfstak – vooral op het historische platteland. ‘Natuurlijk, je komt bed & breakfasts overal tegen, en in allerlei vormen. Er zijn zelfs woonboten die dienst doen als bed & breakfast. Maar persoonlijk denk ik toch op de eerst plaats aan het platteland. Aan historisch landschap, en aan oude boerderijen of karakteristieke herenhuizen. Het is een romantische gedachte, maar tegelijkertijd ook een economische. Een bed & breakfast eigenaar heeft vaak wel vermogen, maar dat zit vast in de stenen en landgoed. En om die te kunnen onderhouden heb je inkomen nodig. Initiatieven als het openstellen van je huis voor betalende gasten kunnen er dan voor zorgen dat zowel natuur als bebouwing van de ondergang worden gered.’

Wat is volgens u de belangrijkste eigenschap waarover een bed & breakfast eigenaar moet beschikken?

‘Gastvrijheid! Er is niks zo intensief als persoonlijk contact met gasten, zéker in een bed & breakfast. Het is moeilijker om 5 gasten te hebben dan 5000. In een bed & breakfast is de gast er altijd en dan ook nog eens bij je thuis. Je kunt het niet afsluiten. Dat is leuk, maar kan ook vreselijk vermoeiend zijn. Natuurlijk is ook de accommodatie relevant. Het onderkomen moet netjes en schoon zijn. Maar het mag ook best een beetje krakkemikkig zijn. Dat maakt het juist romantisch.’

Wat voor soort gasten kun je eigenlijk in een bed & breakfast verwachten?

‘De gemiddelde gast is geïnteresseerd in de natuur, en in de samenleving. Het zijn meestal niet de mensen die ook naar pretparken gaan, of die voor hetzelfde geld in een Novotel-achtige omgeving zullen slapen. Een bed & breakfast gast is een bepaald type mens; iemand die het geinig vindt op deze manier bij wildvreemden te gast te zijn. En die het leuk en interessant vindt om met andere mensen te praten. Vaak zijn het sociaal geëngageerde types van verschillende leeftijden en van alle inkomensniveaus. En dan moet je niet gelijk denken aan de geitenwollen sokken types die op een krakkemikkige fiets aankomen. Dat zijn karikaturen, die kom je in werkelijkheid echt niet zo vaak tegen.’

Er is weinig capaciteit, en toch is het NBTC geïnteresseerd in deze sector. Waarom?

‘Ten eerste denk ik toch aan het behoud van het landschap. Daarnaast zijn wij, als organisatie, altijd op zoek naar een unieke uitbreiding van ons toeristisch product. En juist bed & breakfasts kunnen zo’n unieke ervaring creëren. Het soort ervaring waarbij de beleving, de romantiek centraal staat. Het werkt inspirerend en draagt bij aan de herontdekking van bepaalde regio’s. In bijna alle toeristische landen zie je deze ontwikkeling. Het is de tegenhanger van het andere uiterste: de onpersoonlijke, plastic hotelketens.’

Een bed & breakfast moet zich op een unieke manier kunnen onderscheiden van de massa, tot zover is het duidelijk. Maar moet dat persé in “country-style”?

‘Nee, dat hoeft niet. In de stad mag ook. Want of je nou met je bed & breakfast in de binnenstad van Amsterdam in een oud grachtenpand zit, of in een boerderij of mooi huis ergens in Venlo, het belangrijkste blijft je gastvrije instelling.’

Welke mogelijkheden heeft een bed & breakfast houder om die gastvrijheid kenbaar te maken?

‘Een hotel kan via het classificatiesysteem van de NHC (Nederlandse Hotel Classificatie) z’n sterren halen. Vooralsnog is dat voor een bed & breakfast houder niet mogelijk. Daar wordt op dit moment wel aan gewerkt. Terecht komen de KHN (Koninklijk Horeca Nederland) en Recron op voor hun leden. Zij vallen immers wel onder dat regime en moeten zich aan allerlei strenge regels houden. Zij zeggen: gelijke monniken, gelijke kappen. En daar staan wij als organisatie volledig achter.’

Er is dus een classificering in de maak. Hebt u al enig idee hoe deze er uit gaat zien?

‘Ik pleit ervoor dat de regels praktisch uitvoerbaar moeten zijn. En dat is geen eenvoudige klus. Ik weet dat er in de classificatiecommissie ooit gesproken is over het Lloyd Hotel. Die hebben zowel een- als vijfsterrenkamers. Hoe ga je dat in hemelsnaam classificeren? Mijn pleidooi voor de bed & breakfast sector is: hou het praktisch, concentreer je op een aantal hoofdzaken en laat de rest gewoon zitten. Laat de mensen ondernemers zijn, geef ze vrijheid, maar wel met een paar regels ten aanzien van zaken als brandveiligheid, hygiëne, het beheer van voedsel en de opslag van voedsel.’

Welke middelen kan een bed & breakfast ondernemer aanwenden om zichzelf op de kaart te zetten?

‘Promotie zonder Internet is tegenwoordig haast ondenkbaar. En dan nog, al heb je een site, men moet je ook weten te vinden. In die zin zie je dat de sector best zelfregulerend is. Je ziet hoe langer hoe meer promotieorganisaties die bed & breakfasts proberen te bundelen tot ketens. Sommige van deze organisaties stellen trouwens ook al daadwerkelijke kwaliteitsregels met elkaar op.’

En wat kan het NBTC voor deze ondernemers betekenen?

‘De bundeling van krachten geeft ons ingangen. Wij kunnen onmogelijk iedere individuele bed & breakfast benaderen. Daarom zijn wij zo positief over het ontstaan van de ketens. Als zij zich gebundeld hebben, kunnen wij ze promoten. Onze strategie is om een apart portaal op onze site te creëren, waarop we de bed & breakfasts gebundeld aan zowel de binnenlandse als de buitenlandse markt kunnen presenteren.’

Met één druk op de knop een overzicht van alle bed & breakfasts in Nederland. Wat een mooi plan. Gaat het lukken?

‘Daar heb ik wel een grappige anekdote over. Ik ben druk bezig geweest deze mensen te mobiliseren. Ik wilde ze ontsluiten met het Internet, wilde ervoor zorgen dat gasten on-line konden boeken. En daar stopte het opeens. Weet je waarom? Bed & breakfast houders willen hun kamers niet on-line in een reserveringscomputer doen. Ze willen over de telefoon horen wie hun gasten worden, en als het ze niet bevalt, dan zeggen ze dat ze vol zijn. Logisch eigenlijk, want je krijgt natuurlijk toch iemand die een aantal dagen door je achtertuin loopt. Informatie verschaffen oké, maar het boeken, dat doen ze toch het liefst persoonlijk.’

En toen?

‘Daar hield het voor ons dus even op, terwijl het NBTC echt fanatiek is als het gaat om Internet. Wij willen het liefst alles op en via het Internet hebben: om te kunnen registeren wat er gebeurt, en om het aanbod te kunnen bundelen. Internet heeft toch bewezen geweldig goed te werken voor de toeristische industrie. Wij hebben toen gezegd: nou prima, als dat is wat jullie willen, doe dat dan, maar zorg wel dat je je informatie via het web verschaft. Zorg dat de gast van tevoren weet waar hij of zij aan toe is. Geef bijvoorbeeld openheid van zaken over tarieven, want dat vinden wij wel een voorwaarde voor goed zaken doen. Ik heb me toen wel gerealiseerd dat je ook op dit punt niet te veel moet willen reguleren.’

Het moet altijd nog een beetje avontuurlijk blijven?

'Ja. Dat kan inhouden dat het meevalt, maar ook tegen. Het is zo’n persoonlijke business. Bed & breakfasts zijn de experimentele rand van de gastvrijheidsindustrie. Een soort lab voor nieuwe ideeën. Dat moet je laten bestaan, want daar vinden juist de creatieve, nieuwe dingen plaats. Dat gebeurt niet in een uitgekookte viersterren formule. Je moet ze dus ook de vrijheid geven om te kunnen experimenteren. Regels ja, maar beperk ze tot het absolute minimum. Geef de ondernemers zoveel mogelijk vrijheid om met leuke, nieuwe ideeën te komen.’

Hoog tijd dus voor een opwaardering van de bed & breakfast sector in Nederland?

‘Deze sector is er een waarvan de Nederlandse hotellerie nog kan leren. Laatst was ik in een bed & breakfast en daar hadden ze nog van die ouderwetse wekkers. Tik, tik, tik… de hele nacht. Kom daar maar eens om in een hotel, daar stel je gewoon de wektijd op je televisie in. Toen dacht ik: eigenlijk is dat leuk. Non-conformisme, maar dan wel volgens die basisregels, anders is het oneerlijk.’

BBN15

Overig nieuws